Pop-upzaken willen Merksemse Bredabaan upcyclen

Afgedankte spullen terugbrengen tot het materiaal waaruit ze bestaan en dat gebruiken om iets nieuws te maken. Dat is waar upcycling voor staat, en u kan er naar hartenlust mee kennismaken op de Bredabaan in Merksem. Met dank aan Pop-Up Bredabaan, een initiatief van de stad Antwerpen.

Evy Puelinckx is de oprichter en bezieler van Het Vindingrijk, een online community van mensen die anders met materiaal willen omgaan. Pop-Up Bredabaan was voor haar een uitgelezen gelegenheid om haar community een offline verlengstuk te geven. “Toen Dette Van Zeeland, die Pop-Up Bredabaan begeleidt, me vertelde over het project, dacht ik meteen: ‘Prachtig. Zo kunnen we niet alleen aan upcycling doen, maar meteen ook de Bredabaan upcyclen’.”

Het Vindingrijk streek neer in het pand op nummer 533 met een nieuw concept: Het Vindingrijk Nodigt Uit. “We nodigen creatieve mensen uit die hier in residence komen werken en workshops geven rond upcycling. Iedereen is welkom om zich te laten inspireren en aan de slag te gaan met gebruikte materialen. Achteraan heb je het atelier en vooraan kunnen de mensen hun spulletjes te koop aanbieden.”

Roeping

Met Het Vindingrijk volgt Evy wat je gerust een roeping mag noemen. “Ik wil mensen inspireren en doen nadenken over hun omgang met materialen. Dat is mijn missie. Het begon al in de lagere school, toen ik met de klas een recyclagepark ging bezoeken. Dat maakte iets los bij mij. Als kind stond ik als een politieagent aan de vuilnisbak en als architectuurstudente kon je me vinden op de schroothoop, waar ik zocht naar geschikte materialen voor mijn maquettes. Naast duurzaamheid ging het me ook om het materiaal zelf: ik houd van de patine van materialen die al een leven achter de rug hebben.”

Evy ging aan de slag als architecte in een Rotterdams bureau en werd later ook docente aan de afdeling interieur van Sint-Lucas in Brussel. “Op een gegeven moment wou ik al die kennis, ervaring en gedrevenheid gebruiken om mensen bewust te maken van hun gebruik van materialen. Toen heb ik Het Vindingrijk opgericht. Ik had besloten van upcycling mijn levenswerk te maken.”

Dat bleef niet onopgemerkt op het Ministerie van Ideeën, dat Evy benoemde tot Minister van Upcycling. Ze maakte een boek, werkte mee aan tv-programma’s en bouwde Het Vindingrijk uit tot een bruisende online community. Evy zei haar werk als architecte en docente vaarwel en richtte, naast Het Vindingrijk, ook een ontwerpbureau op dat zich specialiseert in upcycling. “We bekijken met bedrijven en organisaties welke afvalmaterialen ze hebben en hoe we daar een positief verhaal van kunnen maken.”

Tas vol herinneringen

Even verderop, in het pand op nummer 513, doet Leen Van de Ponseele op haar manier aan upcycling met Jastas. “Ik maak tassen van oude leren jassen. Mensen kunnen bij mij een oude jas binnenbrengen en kiezen een model voor een tas. Daarna ga ik aan de slag om met het leder van die jas de gewenste tas te maken. Soms gaat het om een jas van een overleden partner. Dan vraag ik om een hemd of een ander kledingstuk van stof, zodat ik ook de binnenkant heel persoonlijk kan maken. Zo heeft de klant altijd een unieke tas vol herinneringen bij zich.”

“Naast de tassen op bestelling maak ik ook tassen die je gewoon in onze winkel kunt kopen. De oude jassen die ik daarvoor gebruik, haal ik bij tweedehandszaken. Hoe gedemodeerder de jas, hoe leuker de accenten die ik er voor een tas kan uithalen.” In de pop-upwereld is Leen niet aan haar proefstuk. “Ik heb ook deelgenomen aan Tuba, het pop-upproject in de Turnhoutsebaan in Deurne. Voor Pop-Up Bredabaan bracht Dette Van Zeeland me in contact met Lieve Ooms van Droom. Uiteindelijk besloten de drie andere Droom-dames om samen met ons de sprong te wagen.”

Vrolijke winkel

Droom is het geesteskind van Hilke De Ceuleneer, die samen met Lieve Ooms, Sarah Verachtert en Katrien Demaesschalk naar het pand op nummer 513 trok. “We runden samen een winkel in de Oude Bareellei”, vertelt ze. “Daar heb je geen passage, en we vroegen ons altijd af hoe het zou zijn om in een drukkere straat te zitten. Pop-Up Bredabaan is een geknipte manier om dat uit te testen.”

Hilke verkoopt in Droom een uitgelezen collectie tweedehandskleding voor kinderen en dames. “Ik vond lang niet altijd wat ik zocht voor mijn eigen kinderen en had zin om zelf mooie spulletjes bij elkaar te zoeken en te verkopen. Ik wou leuke dingen aanbieden die voor iedereen betaalbaar zijn. De mensen die kleding binnenbrengen, zijn blij dat er nog iets mee wordt gedaan. En de klanten kunnen mooie stukken kopen tegen een zacht prijsje. Dat vind ik zo fijn aan Droom: het is een vrolijke winkel. De mensen komen blijgezind binnen en gaan lachend buiten.”

Bewuste keuze

Weer enkele panden verder, op nummer 503, siert het werk van Eveline Van Ostaeyen de etalage van Den 2170, de zaak van Wendy De Cuyper en Erik Poortmans die zich specialiseert in gezonde voeding. “Ik werk onder de naam Not A Brand en geef gebruikte spullen een tweede leven”, vertelt ze. “Ik breng oude meubelen weer in orde, beschilder ze met tafereeltjes of maak er iets nieuws mee. Ook met verlichting, kleding, schoenen en accessoires ga ik aan de slag. Je kan het zo gek niet bedenken of ik doe het wel.”

Eveline heeft zelf een aantal stukken aangeschaft om voorbeelden van haar werk te presenteren, maar werkt bij voorkeur op bestelling. “Het is de bedoeling dat de mensen met hun afdankertjes naar mij komen. Hoe groter de uitdaging, hoe liever.” Upcycling is voor Eveline een bewuste keuze. “Ik doe het vanuit een zekere frustratie met de wegwerp- en consumptiemaatschappij. Het is zo’n vicieuze cirkel: je gooit iets weg en koopt weer iets nieuws. Maar grondstoffen zijn niet onuitputtelijk. Steeds meer mensen beseffen dat alles duurzamer moet worden.” 

Kringloop van materialen

Dat besef leeft ook in WoRkpalace, het ruime pand op nummer 407. Dette Van Zeeland, projectmanager van Pop-Up Bredabaan, is er vaak te vinden. “WorKpalace was ooit een chique dameskledingwinkel en werd daarna een Chinees restaurant. Vandaag vervult WorKpalace drie functies, in samenwerking met De Kringwinkel Antwerpen, die het pand in beheer heeft van de stad Antwerpen. WoRkpalace is niet alleen een coworking space, maar fungeert ook als etalage voor De Kringmaker en als showroom voor de prototypes van het Makerscollectief Onbetaalbaar.”

Met De Kringmaker wil De Kringwinkel goederen langer in de kringloop van materialen houden, om zo de afvalberg te verkleinen. De Kringmaker wil mensen inspireren, verkoopt tweedehands materialen voor creatieve doeleinden en biedt meubelen aan die je kunt huren. “Een aantal van die meubelen staat hier in de coworking space”, zegt Dette. “Als er een kaartje aan hangt, kan je het huren.”

Kleur en fleur

In WoRkpalace kan je niet alleen plaatsnemen op een stoel van De Kringmaker. Je vindt er ook prototypes van het Makerscollectief Onbetaalbaar, dat een tweede leven geeft aan afvalstromen van materialen die nog bruikbaar zijn. “Onbetaalbaar geeft objecten een nieuwe functie”, vertelt Dette. “Een kantoormeubel wordt een kast, een kast wordt een bureau, een statief wordt een lamp. In WoRkpalace staan prototypes van stukken die je kunt bestellen. Ze worden dan op maat gemaakt met materialen van de Kringwinkel.”

Upcycling brengt niet alleen een nieuwe omgang met materialen, maar ook veel kleur en fleur naar de Bredabaan. En daar wordt enthousiast op gereageerd. “Mensen komen rondkijken, stellen vragen en reageren heel leuk op wat we doen”, zegt Evy Puelinckx. “Ze vinden het tof dat er iets gebeurt.” Leen Van de Ponseele denkt er net zo over. “We horen vaak van de klanten dat ze het zo leuk vinden dat de Bredabaan er een mooie winkel heeft bijgekregen.” Hilke De Ceuleneer besluit: “Ik geloof echt in de heropstanding van de Bredabaan. Er zijn meer en meer jonge gezinnen die weer zoveel mogelijk met de fiets willen doen en lokaal willen aankopen. Wij willen er als winkel zijn voor die mensen.”

Lees meer over het Pop-Up Bredabaan project

Deel deze pagina: